Het convenant

De reden voor een convenant
Voor het verbeteren van de luchtkwaliteit in steden waar deze niet voldoet aan de norm, zijn maatregelen noodzakelijk. Eén van die mogelijke maatregelen is de invoering van een milieuzone. Naast de invloed op de luchtkwaliteit heeft een milieuzone ook gevolgen voor het bedrijfsleven. Om ervoor te zorgen dat een milieuzone breed geaccepteerd wordt hebben de overheid en het bedrijfsleven afspraken gemaakt.

De afspraken zijn vastgelegd in het convenant 'Stimulering schone vrachtauto's en milieuzonering'.

Wie hebben het convenant ondertekend?
In 2006 hebben de overheid (het Ministerie van VROM, het Ministerie van V&W en een aantal gemeenten) en het bedrijfsleven (EVO, TLN en KNV) het convenant ondertekend. Hiermee zijn het convenantspartners.

Gemeenten die niet in 2006 het convenant hebben ondertekend en toch een milieuzone willen invoeren kunnen akkoord gaan met het convenant door het ondertekenen van een allonge. Na het ondertekenen van de allonge (een bekrachtiging van het convenant) zijn deze gemeenten ook convenantspartners.

De afspraken uit het convenant
In het convenant zijn de rechten en plichten opgenomen van de convenantspartners. De volgende afspraken zijn gezamenlijk gemaakt:

  • wat een milieuzone is;
  • dat deze alleen geldt voor vrachtauto's zwaarder dan 3500 kg;
  • wat de toegangscriteria zijn;
  • welke ontheffingsmogelijkheden er zijn;
  • welke stappen moeten worden doorlopen om te beslissen of een milieuzone zinvol is;
  • hoe de convenantspartijen zaken met elkaar afstemmen;
  • dat er een stuurgroep, een werkgroep en een geschillenregeling is;
  • dat convenantspartners gezamenlijk streven naar uitvoering van aanvullende lokale maatregelen zoals verschoning van het gemeentelijk wagenpark, schoon openbaar vervoer en stimuleren van efficiënte stedelijke bevoorrading.